Overslaan en naar de inhoud gaan

Hoe kunnen we u helpen?

  • Laatst bijgewerkt: 09-11-2020

De Noodmaatregel Overbrugging voor behoud van Werkgelegenheid ("NOW") is erop gericht om werkgevers die een aanmerkelijke omzetdaling ondervinden een subsidie te verstrekken om de loonkosten gedeeltelijk te dekken. Na de eerste tranche van de NOW ("NOW 1.0"), die betrekking had op de periode maart t/m mei 2020, en de tweede tranche (''NOW 2.0''), met betrekking tot de periode juni t/m september 2020, is er nu de derde tranche, die betrekking heeft op de periode oktober 2020 t/m juni 2021 (''NOW 3.0'').

Reikwijdte

  • De NOW is nogmaals verlengd om werkgevers te blijven steunen die worden geconfronteerd met een acute en aanmerkelijke omzetdaling (d.w.z. aanvankelijk meer dan 20%, vanaf januari 2021 meer dan 30%).
  • Deze steun wordt verstrekt in de vorm van een subsidie die de loonkosten gedeeltelijk dekt; de hoogte van de subsidie is evenredig aan de omzetdaling. 
  • Het doel van de NOW 3.0 is werkgevers in staat te stellen werknemers in dienst te houden en hen medeverantwoordelijk te maken voor het behoud van werkgelegenheid in Nederland, maar tegelijkertijd te stimuleren dat werkgevers en werknemers zich aanpassen aan de nieuwe werkelijkheid.
  • De subsidie is beschikbaar voor alle werkgevers, zowel werkgevers die voor het eerst een beroep doen op de subsidieregeling als voor werkgevers die reeds een aanvraag hebben gedaan voor de NOW 1.0 en/of NOW 2.0.

Voorwaarden voor toekenning

  • Anders dan NOW 1.0 en NOW 2.0, bestaat NOW 3.0 uit een drietal subsidieblokken van elk drie maanden. De aanvraagtijdvakken en voorwaarden verschillen per tijdvak.
  • De systematiek van de NOW 3.0 blijft min of meer gelijk. De werkgever moet een omzetdaling verwachten van ten minste 20% gedurende het eerste tijdvak, respectievelijk van ten minste 30% gedurende het tweede en het derde tijdvak. 
  • Een aanvraag voor subsidie onder het eerste tijdvak van NOW 3.0 kan vanaf 16 november tot en met 13 december 2020 worden ingediend, met terugwerkende kracht tot 1 oktober 2020.
  • In de NOW 3.0 gaat het dus om 3 tijdvakken en voor elk van die drie tijdvakken dient het omzetverlies te worden bepaald over een aaneengesloten periode van drie maanden uit een periode van vijf maanden:
    • het eerste tijdvak: drie kalendermaanden in de periode van 1 oktober 2020 tot en met 28 februari 2021;
    • het tweede tijdvak: drie kalendermaanden in de periode van 1 januari 2021 tot en met 31 mei 2021; en
    • het derde tijdvak: drie kalendermaanden in de periode van 1 april 2021 tot en met 31 augustus 2021.
  • Voor werkgevers die opnieuw een beroep doen op de NOW geldt dat de omzetperiode in het kader van de NOW 3.0 moet aansluiten op de omzetperiode die in NOW 2.0 is gekozen. Ook de omzetperiodes in de subtijdvakken van NOW 3.0 moeten op elkaar aansluiten.
  • Het moet ‘voldoende aannemelijk’ zijn dat de omzetdaling ten minste 20%, respectievelijk 30% zal bedragen. Het oorzakelijk verband tussen deze omzetdaling en de coronacrisis wordt aangenomen en hoeft niet te worden aangetoond.
  • De aanvraag moet voldoen aan de criteria die worden vastgelegd in de NOW 3.0 regeling. Dat betekent onder meer dat het rekeningnummer moet corresponderen met het loonheffingennummer, dat een werkgever met meerdere loonheffingennummers voor elk loonheffingennummer een afzonderlijke aanvraag moet indienen en dat er looninformatie beschikbaar moet zijn in de polisadministratie van het UWV, enz. 
  • De boete ingeval een werkgever werknemers ontslaat (d.w.z. een ontslagvergunning wegens bedrijfseconomische redenen aanvraagt bij het UWV) was in NOW 2.0 reeds komen te vervallen. In het kader van NOW 3.0 wordt echter ook de loonsom niet meer gecorrigeerd voor eventuele ontslagaanvragen binnen de subsidieperiodes.

Administratieve verplichtingen 

  • De subsidie mag (uitsluitend) worden gebruikt voor het doel waarvoor de subsidie is verstrekt, dat is dus in ieder geval het betalen van de loonkosten.
  • De werkgever heeft een inspanningsverplichting om werknemers te stimuleren om deel te namen aan een ontwikkeladvies of aan scholing.
  • De werkgever heeft een inspanningsverplichting om bij te dragen aan de begeleiding naar ander werk voor werknemers van wie de arbeidsovereenkomst eindigt. Zo moet onder meer contact opgenomen worden met het UWV voor ondersteuning bij de begeleiding.
  • NOW 3.0 biedt werkgevers de ruimte om de loonsom voor een bepaald percentage te laten dalen: 10% in het eerste tijdvak; 15% in het vierde tijdvak en 20% in het derde tijdvak.
  • Werkgevers committeren zich om voor het eerste tijdvak in 2020 om over het jaar 2020 geen bonussen (winstdelingen of anderszins) uit te keren aan bestuur en directie; geen dividend uit te keren en geen eigen aandelen in te kopen tot en met de jaarvergadering in 2021. Voor het tweede en derde tijdvak geldt deze verplichting over het jaar 2021.
  • Deze dividendbeperking geldt alleen voor bedrijven die een voorschot ontvangen dat ten minste EUR 100.000 bedraagt of een subsidiebedrag ontvangen dat ten minste EUR 125.000 bedraagt. 
  • De werkgever is verplicht de ondernemingsraad of de personeelsvertegenwoordiging, of bij ontbreken daarvan de werknemers, te informeren over het feit dat de subsidie is toegekend. Er is geen voorafgaande adviesprocedure vereist.
  • De loonaangiften moeten worden ingediend op de wettelijk voorgeschreven momenten.
  • De werkgever moet de autoriteiten onmiddellijk op de hoogte stellen wanneer duidelijk is dat niet langer aan de toekenningscriteria wordt voldaan. De werkgever moet een controleerbare administratie voeren aan de hand waarvan alle informatie die voor het toekennen van de subsidie van belang is, kan worden geverifieerd.
  • Tot vijf jaar na toekenning van de subsidie moet de werkgever de autoriteiten inzage geven in zijn administratie. 
  • Binnen 24 weken na 1 september 2021 (of 38 weken ingeval een accountantsverklaring wordt overgelegd), moet de werkgever een definitieve opgave van de omzetdaling overleggen, onderbouwd met een verklaring waarin wordt bevestigd dat aan de in de overheidsregeling genoemde verplichtingen is voldaan.

Berekening van de omzetdaling

De omzetdaling wordt vastgesteld door het verschil tussen de referentieomzet en de omzet in de periode waarvoor de subsidie is gevraagd, te delen door de referentieomzet. De uitkomst wordt uitgedrukt als een percentage en naar boven afgerond.

  • De referentieomzet is gelijk aan de omzet over het kalenderjaar 2019, gedeeld door vier (voor werkgevers die niet het hele kalenderjaar actief zijn geweest, is er een afwijkende berekeningswijze).
  • De omzet wordt vastgesteld per rechtspersoon, tenzij de rechtspersoon onderdeel is van een groep. In dat geval is de omzetdaling van de gehele groep bepalend. 
  • Verkregen subsidies of andere financiering uit publieke middelen worden ook als omzet gezien.

Als de omzetdaling op groepsniveau minder dan 20% is, maar op niveau (een) van de werkmaatschappij(en) 20% (respectievelijk 30%) of meer, dan kan de werkmaatschappij subsidie aanvragen. Aan deze aanvraag worden de nodige voorwaarden verbonden, waaronder het door de groep niet mogen uitkeren van bonussen of dividend en het niet mogen inkopen van eigen aandelen.

Berekening van de loonsom en subsidie

De hoogte van de subsidie wordt berekend op basis van de formule A x B x 3 x 1,4 x [0,8 / 0,7 / 0,6]:

  • A staat voor het percentage van de omzetdaling zoals hiervoor omschreven.
  • B staat onder de NOW 3.0 voor de totale loonsom voor de werknemers voor wie de werkgever in juni 2020 het loon heeft betaald, met een maximum van EUR 9.538 per werknemer in het eerste en tweede tijdvak en een maximum van EUR 4.845 per werknemer in het derde tijdvak. In een aantal situaties worden er correcties aangebracht op de totale loonsom.
  • Het getal 3 betekent dat de subsidie wordt toegekend voor drie maanden (de factor B is gebaseerd op een periode van één maand).
  • Het getal 1,4 is een forfaitaire vermenigvuldigingsfactor die de loonsom corrigeert voor de aanvullende kosten van de werkgever (zoals vakantiegeld, pensioen en premies voor werknemersverzekeringen).
  • De getallen tussen de blokhaken betekenen dat in het eerste tijdvak 80%, in het tweede 70% en in het derde 60% van de loonkosten – naar evenredigheid van het percentage omzetdaling – door de overheid wordt vergoed. 

Aanvraag / procedure

De aanvraag moet worden ingediend door middel van een online formulier op de website van het UWV

Aanvragen worden ingediend per loonheffingennummer en moeten onder ander de volgende informatie bevatten:

  • het verwachte percentage omzetdaling;
  • de aaneengesloten periode van drie kalendermaanden binnen de subsidietijdvakken waarin de daling wordt verwacht;
  • het loonheffingennummer;
  • het rekeningnummer waarop de werkgever betalingen van de Belastingdienst inzake loonheffingen ontvangt.

Het UWV besluit binnen 13 weken na ontvangst van de volledige aanvraag. De werkgever ontvangt een voorschot van 80% van de subsidie; dit voorschot wordt betaald in drie termijnen. 
In de praktijk wordt ernaar gestreefd de eerste termijn van het voorschot binnen twee tot vier weken na ontvangst van de complete aanvraag te betalen. 

Beoordeling achteraf 

Binnen 24 weken na afloop van de periode waarover de subsidie is toegekend, moet de werkgever een aanvraag indienen voor de definitieve vaststelling van de subsidie. Deze aanvraag moet eveneens worden ingediend door middel van een online formulier dat beschikbaar komt op de website van het UWV (www.uwv.nl). 

Bij het indienen van deze aanvraag moet de werkgever onder andere het volgende overleggen:

  • een definitieve opgave van de omzetdaling, onderbouwd met documentatie en informatie waaruit de omzetdaling blijkt;
  • een verklaring waarin wordt bevestigd dat aan de in de overheidsregeling genoemde verplichtingen is voldaan.

Het voorschot van 80% wordt verrekend met het definitieve bedrag.

De subsidie kan, geheel of gedeeltelijk, worden ingetrokken of teruggevorderd indien wordt vastgesteld dat:

  • de subsidie ten onrechte is toegekend; 
  • een te hoge subsidie is toegekend;
  • niet is voldaan aan de vereisten zoals vastgelegd in de overheidsregeling; of
  • de werkgever – door zijn handelen of nalaten tijdens of na de periode waarover de subsidie is toegekend – geacht wordt niet te hebben voldaan aan het doel van de NOW.

De Noodmaatregel Overbrugging voor behoud van Werkgelegenheid ("NOW") is erop gericht om werkgevers die een aanmerkelijke omzetdaling ondervinden een subsidie te verstrekken om de loonkosten gedeeltelijk te dekken. Na de eerste tranche van de NOW ("NOW 1.0"), die betrekking had op de periode maart t/m mei 2020, en de tweede tranche (''NOW 2.0''), met betrekking tot de periode juni t/m september 2020, is er nu de derde tranche, die betrekking heeft op de periode oktober 2020 t/m juni 2021 (''NOW 3.0'').

Cookie melding

Onze website gebruikt alleen cookies wanneer er video's afgespeeld worden. De video's worden gestreamd vanaf Vimeo. Onze website gebruikt geen tracking cookies en/of derde partij cookies als er geen video content afgespeeld wordt. Hier vindt u de privacy/cookie policy voor meer informatie.