Overslaan en naar de inhoud gaan

Hoe kunnen we u helpen?

  • Compliance & Business Integrity
  • 24-11-2020

De opsporing en vervolging van strafbare feiten die verband houden met buitenlandse (ambtelijke) corruptie behoren tot een van de prioriteiten van het Openbaar Ministerie ("OM"). Sinds 2001 kan eenieder die in het buitenland een Nederlandse ambtenaar omkoopt in Nederland worden vervolgd. Hetzelfde geldt voor de Nederlander die in het buitenland een buitenlandse ambtenaar omkoopt. Het wordt gezien als een ernstig misdrijf dat voor grote maatschappelijke verontwaardiging kan zorgen en grote schade tot gevolg kan hebben. Nederland heeft zich gecommitteerd aan een strenge aanpak van buitenlandse ambtelijke corruptie. Het commitment van Nederland, ook in internationaal verband, weegt zwaar bij de beoordeling van de opportuniteit van de opsporing en vervolging van buitenlandse ambtelijke corruptie. Hierdoor is de grondhouding ten aanzien van opsporing en vervolging van buitenlandse ambtelijke corruptie dan ook positief, maar de strafrechtelijke aanpak blijft altijd maatwerk en dient door het OM per individueel geval te worden beoordeeld. In dat kader is op 1 oktober 2020 de nieuwe Aanwijzing opsporing en vervolging buitenlandse corruptie ("de Aanwijzing") van kracht gegaan. Hiermee komt de eerdere versie uit 2012 te vervallen. Hieronder volgt in het kort een overzicht van relevante punten en wijzigingen uit de Aanwijzing. 

De Aanwijzing – die zowel betrekking heeft op de omkopende (bedrijven en burgers) als de omgekochte partij (ambtenaren) – bevat factoren (niet-limitatief) die een rol spelen bij het bepalen van de opportuniteit van de opsporingsactiviteiten en de vervolging van op zichzelf strafbare gevallen van buitenlandse ambtelijke corruptie. Ten aanzien van de opportuniteitsafweging van de officier van justitie geldt dat de officier van justitie zich niet mag laten beïnvloeden door overwegingen van nationaal economisch belang, het mogelijke effect op relaties met een andere staat of de identiteit van betrokken natuurlijke of rechtspersonen. Factoren die door het OM wel kunnen worden meegenomen bij de opportuniteitsafweging, en tevens ook bij de prioritering van buitenlandse ambtelijke corruptiezaken, zijn de volgende:

  • aanzienlijke omvang van de gift, belofte, dienst en/of tegenprestatie, in absolute zin of in relatieve zin (zoals bijvoorbeeld een aanzienlijk percentage van de contractsom);
  • omkoping is een structureel onderdeel van de wijze van bedrijfsvoering;
  • de betrokkenheid van invloedrijke buitenlandse ambtenaren of politici dan wel hun naaste omgeving (in die zin dat bij betrokkenheid van dergelijke figuren gezien hun voorbeeldrol en/of machtspositie de omkoping ernstiger lijkt dan bij betrokkenheid van minder invloedrijke personen);
  • de steekpenningen komen direct of indirect (bijvoorbeeld als overheidssteun, subsidiering etc.) ten laste van de Nederlandse algemene middelen of ten laste van gelden bestemd voor internationale ontwikkelingshulp;
  • de schade voor het land waar de ambtenaar is omgekocht;
  • de mate waarin er sprake is van concurrentievervalsing;
  • recidive;
  • de mogelijkheden van verder onderzoek en kans op succesvolle vervolging.

Voorts benoemt de Aanwijzing expliciet dat, in het geval verdachten zichzelf melden en openheid daarover betrachten richting het OM, het OM dit zogenaamde "zelfmelden", transparant zal meewegen in de (wijze van) afdoening en eventuele bestraffing. 

In de vorige aanwijzing werden 'facilitation payments' (betalingen ter 'vergemakkelijking') besproken en, onder verwijzing naar de niet-bestaande verdragsrechtelijke verplichting tot strafbaarstelling van dergelijke betalingen aan buitenlandse ambtenaren, onder bepaalde voorwaarden aangewezen als niet-vervolgd door het OM. Dat onderdeel komt in de nieuwe Aanwijzing niet terug. 

De Aanwijzing benoemt specifiek dat er in het internationale bedrijfsleven geen enkel misverstand over mag bestaan dat het inschakelen van een derde partij, zoals een lokale agent, vertegenwoordiger of consultant, de onderneming of organisatie niet vrijwaart van (eigen) strafbaarheid. Dit soort partijen wordt in kwalijke gevallen nogal eens gebruikt bij het betalen van steekpenningen in het buitenland. Nederlandse ondernemingen en organisaties dienen daarop voldoende alert te zijn.

Tot slot zal in dit soort zaken steeds (mogelijkheden tot) ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel een belangrijke rol spelen. Het kan dan gaan om de winst die een bedrijf heeft gegenereerd door middel van het betalen van steekpenningen in het buitenland doordat daarmee een aanbesteding is binnengehaald. Bij berekening van deze winst kunnen de steekpenningen niet als 'kostenpost' worden meegenomen. 

Heeft u nog vragen over het voorgaande, neem dan gerust contact met ons op.

 

Cookie melding

Onze website gebruikt alleen cookies wanneer er video's afgespeeld worden. De video's worden gestreamd vanaf Vimeo. Onze website gebruikt geen tracking cookies en/of derde partij cookies als er geen video content afgespeeld wordt. Hier vindt u de privacy/cookie policy voor meer informatie.